Wethouder Cornelissen is afgelopen donderdag weer geïnstalleerd voor de komende vier jaar. Hij blijft zich inzetten voor project Halvinkhuizen, volkshuisvesting en duurzaamheid.
“We hebben verschillende projecten waar veel mensen aan werken en het heeft tijd nodig om dat je eigen te maken. Het zou voor mij ongemakkelijk voelen om één van deze portefeuilles aan een ander over te dragen.”“Ik ga hier ook graag mee door, want dat zorgt voor continuïteit en stabiliteit”, aldus Cornelissen.
Als voorbeeld noemt de wethouder project Halvinkhuizen. “We hebben hier vier jaar lang hard aan gewerkt en we zijn nu zover dat we de eerste bouwvergunningen gaan verlenen. Ook liggen er nieuwe opgaven die er vier jaar geleden niet waren, zoals bijvoorbeeld een dassenburcht in dat gebied. Toen we dat ontdekten was de dassenburcht een bijburcht. Dan volstaat toestemming van de provincie, maar het bleef langere tijd liggen en in die tijd is de bijburcht uitgegroeid tot een hoofdburcht en daarvoor gelden andere strengere regels. We moeten nu extra leefgebied compenseren.” Maar volgens de wethouder is het zeker dat na de zomer de grond voor fase 1a en 1b bouwrijp gemaakt kan worden. “En daarmee gaan we starten met de bouw van de eerste tweehonderd woningen. Dit najaar gaan de eerste woningen ook in de verkoop”, legt Cornelissen uit. “Het heeft mij ook gefrustreerd hoelang het duurde. Van idee tot realisatie duurt tien jaar en het zou helpen als procedures anders en efficiënter verlopen. Wij willen natuurlijk ook meters maken, maar we zijn nu zover dat we dingen kunnen laten zien. Deze herfst gaan we machines zien in het veld en begin 2027 starten we dan echt met bouwen. “
Cornelissen vervolgt: “Ondertussen hebben we wel gewoon ingezet op kleinere woningbouwprojecten in het dorp. Deze projecten hadden ook hun uitdagingen, maar toch hebben we het afgelopen jaar 140 nieuwe woningen opgeleverd. We moeten wel blijven kijken naar de behoefte in ons dorp en de lokale behoefte ligt rond de honderdveertig woningen per jaar. Dus we bouwen nu aardig naar behoefte. Als we meer woningen bouwen, dan bouwen we voor mensen buiten Putten. Tegelijkertijd is het type woning wat we bouwen ook belangrijk. We hebben voldoende woningen in het middensegment, zoals eengezinswoningen. Er is een grotere behoefte aan senioren- en starterswoningen. En dat is gelukt aan de Engweg en aan de Roosendaalseweg. Al deze woningen zijn toegewezen aan Puttense jongeren. Daar ben ik trots op.”
Netcongestie
Volgens wethouder Cornelissen wijst alles erop dat het niet snel beter gaat worden met betrekking tot de netcongestie. “Tennet (landelijk) en Liander (regionaal) investeren miljarden in het netwerk, maar het gaat niet snel genoeg om de problemen op te lossen. Gelukkig hebben we voor fase 1a en 1b het verzoek aan Liander om de woningen aan te sluiten op het elektriciteitsnet op tijd ingediend. Dus daar voorzie ik geen problemen”, aldus Cornelissen. “We moeten de hoeveelheid elektriciteit verviervoudigen en zijn druk bezig om het net te verzwaren. Er worden forse investeringen gedaan en er wordt gekeken naar de mogelijkheden om ons net te koppelen aan Duitsland of Noorwegen. Met die Europese schaalvergroting houdt Tennet zich bezig. Daarnaast wordt er ingezet op innovatie. Er worden veel creatieve oplossingen aangedragen om onafhankelijk van het net te worden. En dat is hard nodig, anders zit straks alles echt op slot. We moeten op dit moment alles onderzoeken.”
Droogte Alliantie Putten Plus Ermelo (Dapper)
We gaan de komende periode het stelsel van de Volenbeek verbeteren zodat er meer water vastgehouden wordt en de historie van de sprengen meer zichtbaar wordt. Op de plekken waar het water te snel wegstroomt kunnen we dat, met kleine maatregelen, verbeteren. Dan kan het water meer wegzakken in het gebied en daarmee gaan we verdroging tegen.”
Kazerne Zeewolde
Ook kijkt Cornelissen nog even naar de komst van de kazerne in Zeewolde. “Hier komen 7.000 mensen werken en waar gaan die mensen wonen en bijvoorbeeld uit eten. Het zorgt ook voor enorm veel werkgelegenheid in onze regio. Het is een uitdaging voor de toekomst van ons dorp. Welke kansen en uitdagingen liggen er en hoe kunnen we erop acteren. En regionale samenwerking wordt hierin nog veel belangrijker. Samen met Ermelo, Harderwijk en Zeewolde kijken we wat dit voor ons gebied gaat betekenen. Ook trekken we samen op met de provincie Flevoland en Gelderland. We willen niet dat het ons overkomt, maar kijken nu al hoe we een en ander slim kunnen verbinden en koppelen.”